Buiten het speelveld?

Opiniestukken

14 februari 2018 - Marjolein Tiemens

In een artikel op de website van deroerom.nl schrijft Frans Wijnands dat de paus niet meer alleen de geestelijke leider en leidsman is van de 1,2 miljard rooms-katholieken in de wereld, maar meer en meer het geweten van de gehele wereldbevolking. De rooms-katholieke kerk laat zich steeds vaker horen in het mondiale maatschappelijke debat. Denk bijvoorbeeld aan de vluchtelingenopvang, het belang van toegang tot schoon drinkwater, vredesbemiddeling, de wereldeconomie die sociaal rechtvaardiger moet worden en het bedreigde ecosysteem Aarde.

Speelveld geloof en liturgie
Al deze, en nog veel meer, issues komen we te tegen in de encycliek Laudato Si’ van paus Franciscus. Volgens Wijnands is de encycliek uit 2015 misschien wel het startpunt geweest voor die veel actievere rol van de r.-k.-kerk buiten het ‘speelveld’ van geloof en liturgie. Dat brengt mij bij de vraag waar begint en eindigt dan dat speelveld van geloof en liturgie? Dat stopt toch niet bij de muren van de kerk? Geloven doen we toch niet alleen op zondag? Geloven heeft toch alles te maken met hoe je in het leven staat en hoe je dit uitdraagt in wat je uiteindelijk doet? Hoe je met je medemens omgaat, hoe met de natuur, waar we trouwens deel van zijn, en wat voor dingen je in het leven belangrijk vindt.

Bidden voor het milieu
De ‘bemoeienis’ vanuit de kerk met het maatschappelijk debat lijkt me daarom heel logisch binnen het speelveld van, in ieder geval, geloof vallen. We kennen allemaal het verhaal Mt. 25: 31-46 waarin de Mensenzoon zegt: “Ik verzeker jullie: alles wat jullie gedaan hebben voor een van de onaanzienlijksten van mijn broeders of zuster, dat hebben jullie voor mij gedaan.” Patriarch Bartholomeus I, u weet wel de Groene Patriarch, zegt hierop: “Aandacht voor ecologische vraagstukken heeft direct te maken met aandacht voor sociale gerechtigheid, in het bijzonder voor de honger in de wereld. Een kerk die nalaat om voor het milieu te bidden, is een kerk die weigert een lijdende mensheid te eten en te drinken te geven.”

Gaan waar niemand gaat
De zusters van de Heilige Harten van Jezus en Maria gaan de sloppenwijken in om de lijdende mens te verzorgen, te eten en te drinken te geven. Zij gaan waar niemand (wil) gaan, en doen wat niemand (wil) doen. Ik heb daar diep respect voor, want ik zou niet weten of ik het wel zou kunnen. Als mensheid mogen we mensen als deze zusters wel heel dankbaar zijn. Laat hun werk niet vergeefs zijn. Natuurlijk kunnen we de zusters, en daarmee vele andere mensen, steunen met een financiële bijdrage. Maar het zou water naar de zee toe dragen zijn als we niet ook proberen om hier, in Nederland, zo te leven dat we de draagkracht van de Aarde niet overvragen. Even minder voor een ander mag dan best wat langer duren dan de veertigdagentijd.

Marjolein Tiemens-Hulscher

http://www.deroerom.nl/pagina/2978/vaticaan_mengt_zich_opvallend_in