Interview meneer van der Knaap

Interview meneer van der Knaap

Een mooi verhaal begon in Bloemendaal

De heer Van Der Knaap uit Bunnik is nu 104. Hij is heel blij dat hij dichtbij zijn kinderen woont. Maar zijn vrouw mist hij nog iedere dag. Zijn leven is een mooi verhaal, daar is geen twijfel over mogelijk.

‘Een mooi verhaal begon in Bloemendaal. Op het station van Bloemendaal heb ik namelijk mijn vrouw ontmoet. Ik kende haar al want zij kwam ook uit Schiedam, net als ik. We hebben vroeger met elkaar gespeeld als ik mijn opoe kwam opzoeken. Haar grootmoeder woonde namelijk in de buurt.     

‘We hadden elkaar al in geen jaren meer gezien toen ik haar tegenkwam op station Bloemendaal. We gingen allebei naar een kennismakingsbijeenkomst van de Nederlandse Reisvereniging. Ze was een geschenk uit de hemel! We zijn in 1952 getrouwd en 50 jaar heel gelukkig getrouwd geweest. We zijn in Capelle aan de IJssel gaan wonen. Het was in die tijd niet makkelijk om een woning te vinden maar via een tip van een collega van het werk hebben we het huis gevonden. Een leuk, klein huis waar we heerlijke jaren hebben gehad.’

Seniorenwoningen

‘We kregen een dochter en een zoon. We zijn nog naar een ander huis verhuisd en hebben tot 2003 in Capelle gewoond. Het was dan ook niet makkelijk om naar Bunnik te verhuizen. Maar dat hebben we gedaan om dichter bij de kinderen te wonen. Dat bleek een heel goede beslissing. We hebben lang gezocht en in Bunnik zagen we een mooi, centraal gelegen complex met seniorenwoningen. We hebben wel even op de woning moeten wachten want het duurde een jaar voordat er eentje vrijkwam. We hebben er nooit spijt van gehad.’

Veel geluk

‘Ik heb veel geluk gehad in mijn leven. Zo moest ik in 1946 opkomen voor militaire dienst maar ik zat vlak voor mijn eindexamen. Ik heb uitstel aangevraagd en gekregen. Ik kon mijn studie economie afmaken. Daarna moest ik wel weer opkomen maar doordat ik afgestudeerd was kon ik bij de dienst welzijnsvoorziening werken. Nou, daar heb ik drie jaar gewerkt en een bijzondere tijd gehad. Ik mocht reizen naar Sumatra en Celebes om daar ook welzijnsafdelingen op te zetten. Mijn chef had namelijk vliegangst. Ik ben nog twee keer naar Indië terug geweest om mijn vrouw het land te laten zien. We hebben altijd veel gereisd. De laatste jaren gingen we vaak naar de Moezel. Maar we zijn vaak naar de bergen geweest. Naar Oostenrijk en Zwitserland. Ik ben er trots op dat ik de top van de Wildspitze heb bereikt. Die is 3.700 meter hoog. Ik zie mezelf daar nog staan!’

Leeg huis

‘Ook heb ik veel geluk gehad met mijn vrouw. We hebben het fijn gehad samen. Mijn vrouw is in 2007 overleden. Dat was erg moeilijk. Maar er treedt gewenning op. Ik leef met de herinneringen. In het begin miste ik het praten, het samen zijn. Het huis was zo leeg. Maar in je stoel blijven zitten brengt niet de oplossing. Op een gegeven moment accepteer je het verlies en probeer je het gezellig te maken. Ik heb zoveel moois om me heen. Als ik ‘s ochtends opsta loop ik altijd even langs de kast waar foto’s van mijn vrouw, onze twee kinderen en hun partners en mijn vier kleinkinderen staan. Dan zeg ik hun even gedag.’

Een mooi verhaal

‘Ik eet regelmatig bij mijn kinderen. Ik voel me bevoorrecht dat mijn kinderen zo dichtbij wonen. En ik heb goede buren. Als ik nog in Capelle had gewoond, was ik waarschijnlijk eenzaam geworden. Je moet desondanks wel zelf initiatieven blijven nemen. Zo heb ik een cursus oude muziek gedaan. Als ik heel afhankelijk word, dan hoeft het voor mij niet meer. Ik probeer zoveel mogelijk zelf te doen en niet te afhankelijk te worden. Ik doe zelf de boodschappen. Gelukkig zijn de winkels dichtbij.’ 

Tekst: Yvonne Witter

Foto: Wildspitze, Wikipedia