Maandag 23 februari, maandag in de eerste week van de Veertigdagentijd

Gebed

Er is een hand die uitreikt 
Die aanbiedt zonder vragen 
Die wijst en draagt 
Die optilt in zware dagen 

Er is een hand die vasthoudt 
Die steun geeft in de rug 
Die streelt en liefkoost 
En die weer terug 
Ontvangt 

Er is een hand die zegent 
Die koestert in de pijn 
Er is die hand zo levend 
Laat het de jouwe zijn 

Lezing van de dag, Matteus 25, 31-46

Jezus zei: ‘Als de Mensenzoon komt, zal het zo gaan: Hij komt met alle engelen uit de hemel. En hij zal als koning op zijn troon gaan zitten. Dan worden alle mensen van de wereld bij hem gebracht. Hij zal de mensen verdelen in twee groepen. Net zoals een herder zijn kudde verdeelt in schapen en bokken. De Mensenzoon zet de ene groep mensen aan zijn rechterkant en de andere groep mensen aan zijn linkerkant. Dan zal de Mensenzoon tegen de mensen aan zijn rechterkant zeggen: ‘Kom, de nieuwe wereld is voor jullie. Want mijn Vader heeft het echte geluk voor jullie bestemd. Dat was al de bedoeling vanaf de schepping. Want toen ik honger had, gaven jullie mij te eten. Toen ik dorst had, gaven jullie mij te drinken. Toen ik een vreemdeling was, namen jullie mij in huis. Toen ik naakt was, gaven jullie mij kleren. Toen ik ziek was, zochten jullie mij op. Toen ik gevangen was, kwamen jullie naar mij toe.’ Dan zullen die goede mensen zeggen: ‘Maar Heer, wanneer is dat gebeurd? Wanneer had u honger en gaven we u te eten? Wanneer had u dorst en gaven we u te drinken? Wanneer was u een vreemdeling en namen wij u in huis? Wanneer was u naakt en gaven we u kleren? Wanneer was u ziek of gevangen, en kwamen wij naar u toe?’ Dan zal de Mensenzoon tegen hen zeggen: ‘Luister goed naar mijn woorden: Elke keer dat jullie iets goeds deden voor één van de gelovigen die hier naast mij staan, deed je iets goeds voor mij.’ Daarna zal de Mensenzoon tegen de mensen aan zijn linkerkant zeggen: ‘Jullie zullen worden gestraft. Ga weg, naar het eeuwige vuur dat bedoeld is voor de duivel en zijn dienaren. Want toen ik honger had, gaven jullie mij niet te eten. Toen ik dorst had, gaven jullie mij niet te drinken. Toen ik een vreemdeling was, namen jullie mij niet in huis. Toen ik naakt was, gaven jullie mij geen kleren. Toen ik ziek was en toen ik gevangen was, hebben jullie mij niet opgezocht.’ Dan zullen ook die mensen zeggen: ‘Maar Heer, wanneer is dat gebeurd? Wanneer had u honger en gaven we u niet te eten? Wanneer had u dorst en gaven we u niet te drinken? Wanneer was u een vreemdeling en namen wij u niet in huis? Wanneer was u naakt en gaven we u geen kleren? Wanneer was u ziek of gevangen, en hebben wij niet voor u gezorgd?’ Dan zal de Mensenzoon tegen hen zeggen: ‘Luister goed naar mijn woorden: Elke keer dat jullie niets deden voor één van de gelovigen die hier naast mij staan, deed je niets voor mij.’ Die mensen krijgen de eeuwige straf. Maar de goede mensen krijgen het eeuwige leven.’

Terug naar boven

Dinsdag 24 februari , dinsdag in de eerste week van de Veertigdagentijd

Gebed

Over het gebed van vandaag hoefde ik natuurlijk niet lang na te denken 

Onze vader, die in de hemel zijt,  
Uw naam worde geheiligd,  
uw rijk kome,  
Geef ons heden ons dagelijks brood  
En vergeef ons onze schulden,  
zoals ook wij vergeven aan onze schuldenaren.  
En breng ons niet in beproeving,  
maar verlos ons van het kwade. 

Lezing van de dag, Matteus 6, 7-15

Als je bidt, moet je niet steeds maar door blijven praten. Dat doen de mensen die andere goden vereren. Ze denken: Hoe meer ik praat, hoe beter mijn god luistert! Dat moeten jullie dus niet doen. Want je Vader weet allang wat je nodig hebt. Dat weet hij al voordat je het gevraagd hebt. Als jullie bidden, gebruik dan deze woorden: Onze Vader in de hemel, laat iedereen u eren. Laat uw nieuwe wereld komen. Laat op aarde uw wil gedaan worden, net zoals dat in de hemel gebeurt. Geef ons vandaag het eten dat we nodig hebben. En vergeef ons wat we fout gedaan hebben, want wij hebben ook andere mensen hun fouten vergeven. Help ons om nooit tegen u te kiezen. En bescherm ons tegen de macht van het kwaad. (Want u bent koning, u regeert met grote macht, voor altijd. Amen.)’ Jezus zei verder: ‘Je moet andere mensen hun fouten vergeven. Dan zal je hemelse Vader ook jouw fouten vergeven. Maar als je andere mensen hun fouten niet vergeeft, dan zal je Vader ook jouw fouten niet vergeven.

Terug naar boven

Woensdag 25 februari , woensdag in de eerste week van de Veertigdagentijd

Gebed/meditatie

Wie kijkt naar de liefde, wordt gezien door de liefde. 
Dat kan niet anders. 

Woordeloze aandacht voor de liefde, kan een goede manier van bidden zijn. Zoek vandaag eens tien minuten waarop je kunt gaan zitten, zonder dat je gestoord wordt. Laat alles stilvallen. 

Geen boek, geen tekst, geen muziek. 
Alleen jij en dat geheim binnen in jou. 

Keer je om. 
Begin vandaag. 

Keer naar binnen met je aandacht, maak contact met die plek in jou. 
Laat maar weten: Hier ben ik. 
Keer je daar naartoe. 

Voel wat daar gebeurt en blijf daarbij. 
Blijf bij wat er gebeurt. 

Werkelijke bekering wil zeggen: bij die zachte plek in jou blijven en die laten meeklinken in je dagen.

Lezing van de dag, Lucas 11, 29-32

In die tijd, toen het volk samenstroomde begon Jezus te spreken: “Dit geslacht is een verdorven geslacht: het verlangt een teken; maar geen ander teken zal het gegeven worden dan het teken van Jona. Zoals namelijk Jona een teken werd voor de Ninevieten, zo zal ook de Mensenzoon het zijn voor dit geslacht. De koningin van het Zuiden zal bij het oordeel opstaan samen met de mensen van dit geslacht; en zij zal hen veroordelen, want zij kwam van het uiteinde der aarde om te luisteren naar de wijsheid van Salomo: welnu, hier is méér dan Salomo. De mensen van Nineve zullen bij het oordeel opstaan samen met dit geslachten zij zullen het veroordelen, want zij hebben zich bekeerd op de prediking van Jona: welnu, hier is méér dan Jona.”

Terug naar boven

Donderdag 26 februari , donderdag in de eerste week van de Veertigdagentijd  

Gebed

Uw rijk kome 
Niet het mijne, 
Niet wat ik bedenk 

Uw wil geschiede 
Niet de mijne, 
niet wat ik wil 

Ik weet niet wat ik wil 
Ik weet niet wat goed is 
Behalve dan  
Dat u dat bent 
- Goed - 

Laat mij bidden dan 
Om u. 

Bidden om het goede 
Is bidden om u 
In onze dag 
In dit moment 
In dit eeuwigdurend 
Nu. 

Lezing van de dag, Matteus 7, 7-12

Als je iets vraagt, zul je het krijgen. Als je iets zoekt, zul je het vinden. Als je op de deur klopt, wordt er voor je opengedaan. Want iedereen die om iets vraagt, zal het krijgen. En iedereen die iets zoekt, zal het vinden. En voor iedereen die klopt, wordt de deur opengedaan. Niemand geeft zijn kind een steen als het om brood vraagt. Of een slang als het om een vis vraagt. Jullie zorgen goed voor je kinderen, ook al zijn jullie slechte mensen. Dan zal jullie hemelse Vader zeker goed voor jullie zorgen. Hij geeft goede dingen aan de mensen die dat aan hem vragen. Behandel andere mensen net zoals je zelf behandeld wilt worden. Daar gaat het om in de wet en in de andere heilige boeken.

Terug naar boven

Vrijdag 27 februari , vrijdag in de eerste week van de Veertigdagentijd  

Gebed

Wie donker zoekt 
Zwemt in leeg water 
Verliest adem 
Voelt schrik en haast 

Het goede komt er stil langszij 
Het glijdt geruisloos  
Snijdt de golven door 
Vaart in maanlicht 
Zacht en blauw 

Er wordt een lied gehoord 
Je mag aan boord 

Lezing van de dag, Matteus 5, 20-26

Luister naar mijn woorden: Doe wat God van je vraagt, en doe dat beter dan de wetsleraren en de farizeeën. Want anders kom je helemaal niet in Gods nieuwe wereld. Jullie weten wat er gezegd is tegen jullie voorouders. Het staat in de wet: «Je mag geen moord plegen. Wie een moord pleegt, moet gestraft worden.» Dit zeg ik daarover: Ook wie kwaad wordt op een ander, moet gestraft worden. Ook wie een ander een dwaas noemt, moet voor de rechter komen. En wie een ander een gek noemt, komt in het eeuwige vuur. Stel dat je in de tempel bent om een offer te brengen aan God, en dat je dan opeens bedenkt dat een ander boos op je is. Laat dan je offer bij het altaar achter. Ga eerst snel naar die ander toe en maak het goed. Daarna kun je terugkomen om je offer te brengen. Stel dat iemand je voor de rechter wil brengen omdat je hem geld schuldig bent. Spreek dan snel met hem af hoe je dat gaat oplossen. Nog voordat je bij de rechtbank bent. Anders laat de rechter je opsluiten in de gevangenis. En luister goed naar mijn woorden: Je komt die gevangenis pas uit als je je schulden helemaal hebt terugbetaald.

Terug naar boven

Zaterdag 28 februari , zaterdag in de eerste week van de Veertigdagentijd  

Gebed

Gelukkig de mens op de rechte weg 
Die gaat volgens het plan van de Heer 
Gelukkig wie luistert naar wat Hij zegt 
Hem zoekt met heel het hart 

Ik zal u loven met een open hart 
Ik geef me over aan wat u wilt 
Ik zal volgen in wat u voor me legt. 

Laat mij dan niet alleen. 

Lezing van de dag, Matteus 5, 43-48

Jullie weten dat de wet zegt: «Je moet houden van de mensen om je heen. Maar je vijanden moet je haten.» Dit zeg ik daarover: Je moet ook van je vijanden houden. En je moet bidden voor de mensen die jou in moeilijkheden brengen. Alleen dan zijn jullie echt kinderen van God. Want ook jullie Vader in de hemel is goed voor iedereen. Hij geeft zon en regen voor iedereen, voor goede en voor slechte mensen. Stel dat je alleen van je vrienden houdt. Verdien je dan een beloning van God? Nee, want ook slechte mensen houden van hun vrienden. En stel dat je alleen je vrienden groet. Doe je dan iets bijzonders? Nee, want ook de mensen die niet in God geloven, doen dat. Jullie moeten goed zijn voor alle mensen. Net zoals jullie hemelse Vader goed is voor iedereen.’

Terug naar boven